Een vaststellingsovereenkomst komt zelden op een goed moment. Je krijgt een voorstel in je mailbox, vaak na een reorganisatie of een verschil van inzicht. Voor jou is het een onverwachte klap. Voor je werkgever is het routine, en hij heeft zich voorbereid. Juist daar zit het risico. Veel werknemers tekenen te snel, uit schrik of uit opluchting dat het voorbij is. Dat kost vaak geld, en soms ook rechten. Bijna altijd is er meer mogelijk dan dat eerste bod. In dit artikel lees je wat een vaststellingsovereenkomst is, waarom onderhandelen vrijwel altijd loont, en waar je ruimte zit. Zo weet je wat je in handen hebt voordat je tekent.
Wat is een vaststellingsovereenkomst (VSO)?
Zoek je op wat is een VSO, dan kom je al snel bij de kern uit. Het is een schriftelijke overeenkomst waarmee jij en je werkgever het dienstverband met wederzijds goedvinden beëindigen. Je stapt niet naar de rechter en je werkgever vraagt geen ontslagtoestemming aan het UWV. De wet stelt weinig voorwaarden aan een VSO. Artikel 7:670b lid 1 BW eist alleen dat de afspraken op papier staan. Lid 2 geeft je veertien dagen bedenktijd na je handtekening. Wat er verder in komt, spreek je samen af. En juist daar liggen je kansen.
Onderhandelen levert vaak meer op dan een procedure
Je werkgever kan ook naar het UWV of de kantonrechter stappen om je te ontslaan. Zo’n procedure kost tijd en geld, en levert je zelden meer op dan de wettelijke transitievergoeding. Een vaststellingsovereenkomst is daarom voor allebei vaak aantrekkelijker. Je houdt zelf grip op de voorwaarden en je vermijdt een stressvolle en kostbare gang naar de rechter. En omdat het bij een VSO niet om een rechtszaak gaat, heb je geen advocaat nodig. Wat je wel kunt gebruiken, is een specialist die voor je onderhandelt. Gespecialiseerde arbeidsrechtjuristen aan werknemerszijde, zoals die van Onbezorgd Ontslag, werken landelijk via mail, telefoon en videobellen. Goed advies hangt dus niet af van wat er toevallig in Leeuwarden of Sneek zit.
Waar je onderhandelruimte zit
Hoeveel onderhandelruimte je hebt, hangt vooral af van wie het vertrek het hardst wil. Wil je werkgever graag van je af, dan kun je daar een prijskaartje aan hangen. Dat geldt zeker als hij haast heeft of geen sterk ontslagdossier. Hoe zwakker dat dossier, hoe meer jij kunt vragen. Je bodem is de transitievergoeding. De wet rekent met een derde maandsalaris per dienstjaar (artikel 7:673 lid 2 BW). Een werknemer met negen jaar dienst en 4.500 euro bruto komt zo op 13.500 euro. Bij een VSO is dat je startpunt, en vaak ligt er meer in. Daarnaast onderhandel je over een vrijstelling van werk, het vervallen van je concurrentiebeding en een nette finale kwijting. Let ook op de einddatum, want een verkeerde datum kost je zomaar WW.
Bereid je net zo goed voor als je werkgever
Je werkgever heeft een voorsprong op je, want hij heeft zich goed voorbereid. Het is aan jou om die voorsprong in te halen. Leg het voorstel een paar dagen weg en zet op een rij wat er nog niet goed geregeld is. Laat het daarna nakijken door iemand die het ontslagrecht kent. Teken pas als je weet waar je staat en de VSO recht doet aan jouw situatie. Tot dat moment heb je alles nog in eigen hand.