Voor veel ondernemers in Friesland is zakelijk rijden een vanzelfsprekend onderdeel van de bedrijfsvoering. Zowel voor henzelf als voor eventuele medewerkers. Denk aan een bestelwagen voor de bouw, leaseauto voor sales of een servicebus voor regionale klanten. Vanaf 2026 veranderen een aantal fiscale spelregels rondom zakelijke mobiliteit. Wat zijn belangrijke aandachtspunten als ondernemers hun mobiliteitskeuzes opnieuw tegen het licht houden?
De hoofdlijnen van het nieuwe fiscale beleid rond zakelijk rijden
Vanaf 2026 zet de overheid in op een andere benadering van zakelijke mobiliteit. De belangrijkste veranderingen op een rij:
– Afbouw van fiscale stimulansen voor elektrisch rijden (waaronder bijtelling)
– Meer nadruk op werkgeverslasten bij fossiele bedrijfsauto’s
– Veranderingen in de motorrijtuigenbelasting (MRB)
– Minder uitzonderingen en tijdelijke regelingen
Deze punten samen zorgen ervoor dat zakelijk rijden minder fiscaal gestuurd wordt en meer een bedrijfseconomische afweging wordt.
Elektrisch rijden: van fiscaal voordeel naar duurzame keuze
Elektrische bedrijfsauto’s werden de afgelopen jaren stevig gestimuleerd. Dat beleid verschuift. Vanaf 2026 worden verschillende voordelen stapsgewijs afgebouwd, waarmee elektrisch rijden steeds meer wordt behandeld als ‘normale’ zakelijke mobiliteit. Elektrisch rijden blijft gestimuleerd, maar vooral via stimuleringsmaatregelen buiten de loonheffing, zoals MIA of lagere gebruikskosten, in plaats van via de bekende lage bijtelling zoals eerder.
Dat betekent niet dat elektrisch rijden onaantrekkelijk wordt, maar wel dat ondernemers breder moeten kijken dan fiscale prikkels alleen. Zaken als energieprijzen, onderhoudskosten, inzetbaarheid en laadinfrastructuur wegen net zo goed mee.
Bijtelling: stapsgewijze afbouw voor elektrische voertuigen
Bijtelling blijft van toepassing voor zakelijke auto’s die ook privé worden gebruikt. Maar vanaf 2026 wordt de bijtelling voor elektrische voertuigen stapsgewijs verhoogd. Dit is belangrijk voor ondernemers die kiezen voor een elektrische auto van de zaak. Het bijtellingspercentage wordt als volgt:
In 2026 geldt voor elektrische auto’s een bijtelling van 18% over de eerste €30.000 van de cataloguswaarde. Voor het bedrag boven €30.000 geldt 22%.
In 2027 stijgt het bijtellingspercentage naar 20% over de eerste €30.000, met 22% voor het meerdere.
Vanaf 2028 geldt voor alle auto’s, ongeacht het type aandrijving, het standaardtarief van 22% voor de gehele cataloguswaarde.
Dit betekent dat ondernemers die nu nog profiteren van de lage bijtelling voor volledig elektrische voertuigen, hun beslissing mogelijk moeten heroverwegen, zeker als ze van plan zijn hun auto’s binnen enkele jaren te vervangen.
Wil je weten hoe het zit met bijtelling in jouw situatie? Dan kun je hier de bijtelling berekenen.
Verandering motorrijtuigenbelasting
Elektrische voertuigen waren tot nu toe grotendeels vrijgesteld van de motorrijtuigenbelasting (MRB), maar die vrijstelling wordt vanaf 2026 afgebouwd. In de jaren daarna groeit het MRB-tarief voor elektrische auto’s stapsgewijs richting het reguliere niveau.
Voor ondernemers met meerdere voertuigen (of die financial leasen) kan dit structureel hogere vaste lasten betekenen. Zeker bij zwaardere bedrijfswagens of bestelauto’s telt MRB stevig mee in de jaarlijkse kosten. Het is daarom verstandig om MRB expliciet mee te nemen in de totale kostenberekening van het wagenpark.
Van auto’s als standaard vervoersmiddel naar een breder mobiliteitsbeleid
De zakelijke auto is allang niet meer alleen een vervoersmiddel; het is onderdeel van bredere keuzes rondom duurzame bedrijfsvoering, arbeidsvoorwaarden en kostenbeheersing. De nieuwe fiscale regels leggen dat extra bloot. Voor sommige ondernemers kan een elektrische bestelbus of personenauto nog steeds aantrekkelijk zijn, terwijl anderen juist meer flexibiliteit zoeken via mobiliteitsbudgetten of deeloplossingen.
Vooruitdenken loont
De fiscale veranderingen rond zakelijk rijden zijn geen detailwijzigingen, maar een structurele koerswijziging. Ondernemers die nu al overzicht creëren in hun mobiliteitskosten en -beleid, voorkomen verrassingen vanaf 2026. Door zakelijk rijden integraal te bekijken, in plaats van regel voor regel, blijft mobiliteit ondersteunend aan de onderneming, in plaats van een onverwachte kostenpost.
Wil je zeker weten waar je aan toe bent, laat dan je huidige mobiliteitsbeleid doorrekenen door je accountant. Zo ben je klaar voor wat er komt, op de weg én in de cijfers.